'Grote zorgen over kabinetsplannen'

21-09-2022    10:57   |    Goedemorgen

Zorg overheerst in de glastuinbouw, nadat het kabinet op Prinsjesdag zijn plannen voor 2023 heeft bekendgemaakt. Zorg omdat steun aan het bedrijfsleven vanwege de hoge energieprijzen vooralsnog uitblijft, maar ook omdat het kabinet glastuinders op belangrijke dossiers met vraagtekens achterlaat.

“Zo is de aangekondigde verhoging van het wettelijk minimumloon goed nieuws voor werknemers, maar voor werkgevers staat daar geen lastenverlichting tegenover. Ook moet het Rijk veel harder trekken aan het oplossen van acute knelpunten in de gewasbescherming en is maatwerk nodig voor de laatste loodjes op weg naar een betere waterkwaliteit in 2027”, stelt voorzitter Adri Bom-Lemstra van Glastuinbouw Nederland, die wel positief is over de aankondiging van minister Adriaansens dat er in november ook een steunplan moet liggen voor het bedrijfsleven.
 
Hoop op steunpakket
Dat er in de kabinetsplannen voor 2023 veel wordt gesproken over energie, viel te verwachten. Dat heldere toezeggingen over steun aan het bedrijfsleven vooralsnog uitblijven, is vooralsnog teleurstellend voor glastuinbouwondernemers. Zie ook het persbericht van dinsdag 20 september. “Ik ben blij met de bevestiging op de toekenning van verschillende maatwerksubsidies ten behoeve van onze energietransitie”, reageert Bom-Lemstra. “Maar zorg overheerst als het gaat om het ontbreken van ingrepen en hulp vanuit het kabinet om de impact van de energiecrisis te verzachten. Dat is een tegenvaller voor onze leden, maar ook voor de rest van het Nederlandse bedrijfsleven. Het is al een jaar geleden dat we voor het eerst in Den Haag aan de bel hebben getrokken vanwege de stijgende gasprijzen. Er ligt nu een concrete toezegging dat er in november ook een steunpakket komt voor het MKB. Daar houden we ons aan vast. Steun is nodig, liever laat dan nooit.”
 
Energie: tarieven energiebelasting aangepast
Glastuinbouw Nederland is content met een aantal aangekondigde maatregelen en subsidies. Wel blijft een goede invulling daarvan een punt van aandacht. Zo diende de Opslag Duurzame Energie- en Klimaattransitie (ODE) voorheen als dekking van de uitgaven van de subsidieregelingen SDE+ en SDE++, maar die koppeling is per 2022 afgeschaft. Het kabinet wil de ODE-tarieven vanaf 2023 volledig integreren in de tarieven van de energiebelasting.

Daarnaast worden de tarieven van de energiebelasting in de komende jaren aangepast en wordt de grondslag verbreed. Dat moet huishoudens, bedrijven en maatschappelijke instellingen meer prikkelen hun energieverbruik te verminderen en/of over te stappen van aardgas naar elektriciteit. De belasting op aardgas gaat daarom omhoog, die op elektriciteit omlaag, terwijl verschillende specifieke fiscale regelingen verdwijnen.

De SDE++ wordt vanaf 2023 aangepast door het plaatsen van hekjes. Die zorgen ervoor dat technieken met een hogere subsidie-intensiteit eerder aan bod komen, doordat voor technieken binnen een hekje budget wordt gereserveerd. Voor CO2-afvang, -opslag of -gebruik en voor hernieuwbare elektriciteit is geen budget gereserveerd.
 
Arbeid: verlaging van werkgeverslasten ontbreekt
Om de koopkracht voor met name de lage en middeninkomens te herstellen, komt het kabinet met een extra verhoging van het wettelijk minimumloon. Naast deze grote stap worden slechts kleine stapjes gezet om de netto inkomens te verbeteren. Stappen om de werkgeverslasten naar beneden te brengen ontbreken. “Wij missen een balans in maatregelen”, stelt Bom-Lemstra. “Zeker in onze sector met veel productiewerk heeft deze eenzijdige maatregel van verhoging van het wettelijk minimumloon grote impact op ondernemers.”
Glastuinbouw Nederland is blij met de forse impuls die het kabinet geeft aan de ontwikkeling van het bij-, op- en omscholingsaanbod voor werknemers en ondernemers. “Die is hard nodig voor het verder realiseren van de energietransitie en om toonaangevend te blijven in de wereldmarkt.”

Met het Masterplan Internationale Werknemers investeert de glastuinbouw in goed werkgeverschap richting de ruim 60.000 internationale werknemers die de sector telt. Misstanden moeten worden aangepakt. Maar er is onvoldoende passende huisvesting voor internationale werknemers. Slechts heel weinig ondernemers met investeringsplannen in kwalitatief goede huisvesting, krijgen een vergunning. “Daarom vindt Glastuinbouw Nederland dat gemeenten, aangejaagd door het ministerie van SZW, aan de slag moeten met beleid voor de huisvesting van internationale werknemers”, benadrukt Bom-Lemstra.
 
Plantgezondheid: meer aandacht nodig voor oplossen knelpunten
De koers die het ministerie van LNV is ingeslagen met het Uitvoeringsprogramma Toekomstvisie Gewasbescherming 2030 wordt voortgezet. Daarbij ligt de focus op kennisontwikkeling en –verspreiding via onderzoek en gebiedsgerichte pilotprojecten. Daarnaast zet LNV zich in Europees verband in voor een toekomstbestendig wettelijk kader voor innovatieve veredelingstechnieken. “Glastuinbouw Nederland is volop bezig met pilotprojecten van het Uitvoeringsprogramma en we zien gunstige resultaten. Maar daarmee zijn we er nog niet”, waarschuwt Bom-Lemstra. Glastuinbouwondernemers hebben volgens haar nú oplossingen nodig voor het toenemend aantal knelpunten. “Het is fijn dat LNV daarnaast specifiek aandacht vraagt voor nieuwe veredelingstechnieken, maar we kunnen daar niet op wachten. Belangrijk is dat ook wordt ingezet op de ontwikkeling en beschikbaarheid van andere innovatieve middelen en maatregelen, zodat glastuinbouwondernemers hun gewassen gezond kunnen houden.”
 
Water & Omgeving: maatwerk noodzakelijk voor verbetering waterkwaliteit
Het kabinet wil serieus werk maken van de waterkwaliteit en het halen van de doelen uit de EU-Kaderrichtlijn Water. Daarvoor wordt via het Transitiefonds € 811 miljoen gereserveerd. De glastuinbouw heeft op het vlak van waterkwaliteit nog een opgave voor 2027. Veel maatregelen, zoals hergebruik van water en de zuiveringsplicht, zijn inmiddels door de bedrijven uitgevoerd. Het komt nu aan op maatwerk. “Watercoaches, gefinancierd vanuit het Transitiefonds, kunnen bedrijven helpen te ontdekken welke maatregelen nog mogelijk zijn en hoe die zijn toe te passen”, aldus Bom-Lemstra.

Voor verbetering van de waterkwaliteit is een gedegen stelsel van toezicht en handhaving onmisbaar. Het is goed om te zien dat het advies van de commissie-Van Aartsen nu wordt opgepakt. Het kennisniveau van toezichthouders, voldoende inzet en risicogerichte selectie van de te controleren bedrijven zijn daarbij wat Glastuinbouw Nederland betreft belangrijke aandachtspunten.

Vanwege de impact van toenemende weersextremen heeft het kabinet water en bodem sturend gemaakt bij ruimtelijke planvorming. Dat uit zich onder andere in aanscherping van de Nationale Omgevingsvisie. Glastuinbouw Nederland vindt dat hierbij gezocht moet worden naar win-win kansen. Zo kan het wateroverschot van de gebouwde omgeving een goede waterbron zijn voor de glastuinbouw. Bom-Lemstra: “De overheid spreekt steeds vaker van gebiedsgerichte aanpak. Dat is positief en daar werken we graag aan mee.”

Ook positief is dat LNV €250 miljoen uittrekt om de legalisatie van PAS-melders te bespoedigen. Voor de glastuinbouw is het daarbij van belang dat de brede definitie van PAS-melders wordt gehanteerd (inclusief interimmers en ter goeder trouw onvergund), zodat ook de glastuinbouw zich verder kan ontwikkelen.
 
Nationaal Programma Landelijk Gebied: nog veel onduidelijk
Voor agrariërs is er perspectief, maar dan wel volgens de lijnen van het Nationaal Programma Landelijk Gebied (NPLG), stelt LNV. In het NPLG legt het Rijk richtinggevende keuzes en (regionale) doelen voor natuur, water en klimaat vast om landelijke doelen te halen, zoals het doel om 74% van het areaal in 2030 onder de kritische depositiewaarde (KDW) van stikstof te krijgen. In de Miljoenennota blijven de KDW’s onbenoemd, maar wordt wel voorgesorteerd op ‘aanvullende normerende afspraken’. Wat die inhouden, met wie ze gemaakt worden en hoe ze zich verhouden tot de KDW’s is onduidelijk.
Veel zal afhangen van de provinciale gebiedsprogramma’s die samen het NPLG zullen vormen en in juli 2023 definitief moeten zijn. Om een goede start daarvan te waarborgen, komt het Rijk met een zogeheten uitvoerbaarheidstoets. Er lijkt daardoor plek voor redelijkheid en billijkheid in de provinciale gebiedsprogramma’s. “Dat kan positief uitpakken als het om de afweging gaat wat een redelijke bijdrage is van de glastuinbouw aan onder andere de stik-stofreductie en verbetering van de waterkwaliteit”, verwacht de voorzitter van Glastuinbouw Nederland.
 
Ruimtelijke ordening: houd toekomstbestendig areaal beschikbaar
In de Miljoenennota benoemt het kabinet grote ruimtelijke opgaven, zoals het woningentekort. “Wij zullen er scherp op toezien dat er toekomstbestendig areaal beschikbaar blijft voor de glastuinbouw”, zegt Bom-Lemstra. Verder wil het Rijk in de energietransitie meer regie pakken bij het ruimtelijk faciliteren van (duurzame) energiedragers en -bronnen. Denk aan bijvoorbeeld ruimtelijke inpassing van warmteleidingen of een toekomstig waterstofnetwerk. Het Rijk hoopt daarmee de energietransitie, die ook voor de glastuinbouw van groot belang is, te versnellen.


Reacties (0)

Er zijn nog geen reacties

Reageer op dit bericht

Meer nieuws

Geslaagde Horti Experience

Al weer voor de achtste keer bezochten de buitenlandse Royal Brinkman medewerkers deze week het hoofdkantoor...